Nu loop ik tegenwoordig ook soms met een camera rond bij concerten als er wat te recenseren valt, maar probeer me daarbij zo onopvallend mogelijk te gedragen. De camera is namelijk mijn vrijkaartje en het publiek heeft netjes betaald. Oftewel, als je gaat fotograferen bij een concert: bereid je voor, wees zo onopvallend mogelijk en doe je ding niet te lang.
Met verbazing heb ik de fotografen in W2 gevolgd. Vijf stuks, de hele avond lang. Er was geen (op)houden aan. Vanuit iedere hoek zijn alle bandleden vastgelegd. Non-stop. En dat terwijl er geen kledingwissel of decorstuk aan te pas kwam. Dus in wat verschilt de foto van het openingsnummer van een foto tijdens de toegift? En hoeveel foto's heeft een mens nodig?
Gewapend met een battery-pack van het formaat forse broodtrommel en een rugzak waar je in 80 dagen de wereld mee rond kunt, had de meest opvallende/irritante fotograaf zich al bij het voorprogramma onsterfelijk belachelijk gemaakt. Wijdbeens voor het podium, om maar uit een zo laag mogelijke positie tegen het knullige voorprogramma op te kunnen kijken had het mannetje zich een weg gebaand tussen het betalende publiek door. Nu zijn voorprogramma's natuurlijk in het leven geroepen om fotografen de kans te geven even wat test-kiekjes te maken, een lichtmeting te doen, instellingen te kiezen en te testen of je met je groothoek lens nog een aardige beeldverhouding kunt vastleggen, maar na een paar minuten weet je het wel, toch?
Zo niet deze pro - na het voorprogramma moesten battery pack en SD-kaarten al verwisseld worden en met het heen-en-weer geren voor het podum had 'ie het al snel voor elkaar dat het complete publiek op een halve meter afstand van het podium bleef staan om maar voldoende ruimte voor onze adhd-fotograaf vrij te houden en niet constant aan de kant geduwd te worden.
Heel af en toe verdween hij even naar de zijkant - snel door de gemaakte beelden flippen. Een paniekerige blik in zijn ogen: de tweede trompetist, in de close-up van links: daar trilde nog een neushaar! Hup, weer terug naar voren en proberen het shot opnieuw te maken. Het hele concert bezien door de zoeker van een camera - en het mooiste van alles: de beste momenten heeft 'ie gemist. Mette die met haar eigen mini-cameraatje een foto van het publiek maakt, de verliefde blik van de bassist, het in de saxofoon legen van een flesje water door de gitarist. De fotograaf heeft het allemaal gemist, te druk met het maken van de technisch perfecte maar volslagen zielloze foto van een moment waarop niets gebeurde.